“Blief actief, dan word je niet stief”

“Mensen op orde zetten”, zegt Merdi van Essen. “Daarmee bedoel ik: rust en structuur brengen, zodat ze weer op tijd eten, naar buiten gaan, moed krijgen en ervaren wat nog wél kan.” Het typeert de manier waarop Merdi werkt: hartelijk, betrokken en altijd met oog voor wat iemand nodig heeft om weer verder te kunnen. Bijna 44 jaar zette zij zich met hart en ziel in voor haar patiënten, als fysiotherapeut voor ouderen en als mede-eigenaar van Fysiotherapeutisch Centrum Heerde. Per 1 april is voor haar een nieuwe levensfase aangebroken: ze is met pensioen.

Merdi van Essen: “Blief actief, dan word je niet stief”
Merdi van Essen samen met mevrouw Nitrauw-Tijssen

Dat Merdi fysiotherapeut is geworden, heeft met haar jeugd te maken. Als puber had ze ernstige scoliose. Enkele jaren droeg ze dag en nacht een Milwaukee-brace en kwam daardoor onder meer bij een fysiotherapeut terecht. In die periode leerde ze hoe belangrijk het is dat iemand je ziet, begrijpt en helpt om weer verder te kunnen. Dat was precies wat zij later zelf voor anderen wilde betekenen. Die ervaring nam ze mee in haar werk. Later ging ze met ouderen werken; dat lag al vroeg voor de hand. Tijdens haar opleiding tot fysiotherapeut woonde ze met enkele vriendinnen op kamers in een bejaardentehuis. Daar dronk ze koffie met bewoners, maakte ze praatjes en voelde ze zich al snel op haar plek. Over die tijd zegt Merdi: “De levenservaring van ouderen, en alles wat je van hen kunt leren, raakte me van het begin af aan.”

In haar werk met ouderen keek Merdi altijd verder dan de klacht alleen. Het ging haar om meer dan een pijnlijke heup, een onzekere stap of minder kracht in de benen. Ze wilde weten hoe iemand leefde, wat er thuis speelde en waar iemand op vastliep. Door goed te luisteren, rust te brengen en samen kleine stappen te zetten, hielp ze mensen om weer vertrouwen te krijgen in zichzelf en in wat nog mogelijk was. “Niet alles hoeft meteen groot of ingewikkeld te zijn”, zegt Merdi. “Soms zit de winst juist in iets kleins: zelf koffie zetten, even naar buiten durven of ritme in de dag krijgen.”

Die aandacht voor het dagelijks leven hoort bij haar boodschap aan ouderen: blijf in beweging en doe wat nog wél kan. Merdi gebruikt daarvoor graag een uitspraak van Boele, bij wie ze ooit haar loopbaan begon: “Blief actief, dan word je niet stief.” Achter die woorden zit een duidelijke overtuiging. Wie blijft bewegen, kan zichzelf vaak langer redden. “Zo lang mogelijk zelfredzaam blijven is zó belangrijk voor je kwaliteit van leven”, zegt Merdi.

Ook in haar praktijk kreeg die mensgerichte aanpak alle ruimte. Samen met mede-eigenaar Michiel Treffers koos Merdi voor behandelschema’s van dertig minuten. “Bij veel andere fysiopraktijken is dat twintig of vijfentwintig minuten. Die extra tijd vinden wij belangrijk, omdat er dan ruimte is voor een gesprek en echt contact.” Een multidisciplinaire aanpak hoorde daar vanzelfsprekend bij. Met ergotherapie in eigen huis en korte lijnen met onder meer logopedie, psychologie en diëtetiek konden ze breed kijken naar wat iemand nodig had. Zoals Merdi het zelf zegt: “Pas als je naar de hele mens kijkt, kun je echt iets betekenen.”

Buiten de behandelkamer zocht Merdi steeds de samenwerking op. De eerstelijnszorg in Heerde was vroeger volgens haar versnipperd. In de loop der jaren gingen partijen elkaar vaker opzoeken en vaker samen aan tafel zitten, met de gemeente erbij. Merdi droeg daar zelf jarenlang aan bij, steeds met dezelfde vraag voor ogen: hoe kunnen ouderen zo lang mogelijk zelfstandig blijven leven?

Voor Merdi hield goede zorg niet op bij behandelen alleen. Ze wilde mensen in beweging brengen vóórdat klachten erger werden of de zelfstandigheid verder afnam. Daarom zette ze zich in voor beweeggroepen voor ouderen en bedacht ze de beweegtuin bij woon- en zorgcentrum Brinkhoven. Dat past bij haar manier van werken: bewegen moet niet alleen goed voor je zijn, maar ook haalbaar, uitnodigend en prettig. “Het gaat niet alleen om oefenen, maar ook om ontmoeten, plezier hebben en samen in beweging blijven.”

Juist dat menselijke contact maakte haar werk voor Merdi zo bijzonder. Ze kwam niet alleen om te behandelen, maar werd vaak toegelaten in het dagelijks leven van mensen. Dat leverde bijzondere momenten op, klein en groot. Soms zat dat in een gesprek aan de keukentafel, soms in vertrouwen dat langzaam groeide, en soms in iets heel alledaags. “Zoals die keer dat ik bij een boer aan tafel werd uitgenodigd voor boerenkool met worst.” Zulke momenten zijn haar dierbaar gebleven. Ze zeggen veel over de manier waarop Merdi werkte: dichtbij, zonder poespas en altijd oprecht geïnteresseerd in de mens achter de klacht.

Dat ze nu met pensioen is, betekent niet dat ze haar patiënten met een bezwaard gevoel achterlaat. Integendeel. In haar opvolgers Esmay Berenschot en Jan van Spijkeren heeft ze alle vertrouwen. “Ik kan het helemaal loslaten”, zegt ze daar zelf over. “Dat geeft rust: weten dat de zorg voor mijn ‘oudjes’ bij hen in goede handen is.”

Als Merdi terugkijkt op haar werk, komt ze steeds weer uit bij hetzelfde: “Het contact met mensen. Dat is wat ik het meest zal missen.” Helemaal stilzitten doet ze voorlopig niet. Ze blijft actief als beweegcoach voor ouderen en betrokken bij projecten die ouderen helpen om in beweging te blijven, vallen te voorkomen en zo lang mogelijk zelfstandig te blijven. Haar manier van werken vat ze zelf misschien nog wel het best samen met twee eenvoudige uitspraken: “We doen normaal” en “Let it be”. Nuchter blijven, oog houden voor de ander en altijd kijken naar wat nog wél kan. Precies daarmee heeft ze in al die jaren veel betekend voor haar patiënten en voor de eerstelijnszorg in Heerde.

Top

This website stores cookies on your computer. These cookies are used to provide a more personalized experience and to track your whereabouts around our website in compliance with the European General Data Protection Regulation. If you decide to to opt-out of any future tracking, a cookie will be setup in your browser to remember this choice for one year.

Accept or Deny